Emmy Donkers (m) en de twee fietsouders Daan Steenman (l) en Carin Hereijgers (r) zien het fietsgedrag van kinderen achteruit gaan. Foto: Jan Lintsen

Het is steeds gewoner dat kinderen met de auto naar school gebracht worden. Omdat het gemakkelijk is als er twee auto’s voor de deur staan of omdat de school niet in de directe omgeving ligt. Of ook omdat ouders de verkeerssituatie rond de school te druk en te onoverzichtelijk vinden. Hoe leert de achterbankgeneratie zich te gedragen in het verkeer als ze nauwelijks fietsen of wandelen?

„Het fietsgedrag van kinderen gaat erop achteruit,” ziet Daan Steenman. De vader van drie kinderen tussen zes en tien jaar helpt elk jaar bij het afnemen van het verkeersexamen bij kinderen van groep zeven en acht door Veilig Verkeer Nederland. Steenman is actief lid van de Fietsersbond en ontmoette daar verkeersouder Carin Hereijgers, die kinderen helpt oversteken. Ze is moeder van twee kinderen van tien en twaalf jaar en vindt het heel belangrijk dat kinderen jong leren fietsen: „Het is gezond en een goede fietsopvoeding maakt minder kwetsbaar.”

Verkeerseducatie
Steenman en Hereijgers deelden hun zorgen over de veiligheid bij de scholen en de afnemende fiets- en verkeersvaardigheden van veel kinderen. Hereijgers vertelt gedreven: „We wilden daar wat aan doen en stapten eind 2015 samen naar de gemeente om onze ervaringen in te brengen. De beleidsmedewerker die er toen werkte vroeg ons om te helpen de contacten met scholen te verbeteren.” Deze contacten waren verwaterd, mede doordat enkele jaren daarvoor de stadsregio Arnhem-Nijmegen het budget voor verkeerseducatie had overgenomen van de gemeente. Steenman en Hereijgers staken veel tijd en energie in het uitzoeken van de verkeersveiligheid rond de scholen en de maatregelen die scholen namen om deze te verhogen. Via bijeenkomsten brachten ze de scholen met elkaar in contact. Nu brengen ze twee tot vier keer per jaar persoonlijk een nieuwsbrief rond, die scholen informeert over de verkeerseducatieprojecten die voor een groot deel gratis te gebruiken zijn en verkeerszaken die spelen. Zo houden ze contact met de scholen.

Bijna-ongeluk
Emmy Donkers, beleidsmedewerker mobiliteit van de gemeente Nijmegen, vergadert vier keer per jaar met Steenman en Hereijgers en merkt waarderend op: „Mede dankzij Daan en Carin, weten scholen de gemeente te vinden als er problemen zijn die met mobiliteit te maken hebben. De verkeerseducatie start al vanaf de peuterspeelzalen en is gelukkig goed op de veertig Nijmeegse scholen. Qua verkeersveiligheid vinden ouders het vaak gevaarlijker dan het objectief gezien is. Er zijn rond de Nijmeegse scholen al jaren niet of nauwelijks ongelukken gebeurd. Als het druk en chaotisch is letten mensen gelukkig ook beter op.” Hereijgers vult aan: „Als er een bijna-ongeluk gebeurt zie je dat ouders zich opeens actief gaan bemoeien met de verkeersveiligheid en een verkeersgroep oprichten. Elke school heeft ofwel een verkeersgroep of een persoon die daar aanspreekpunt voor is. Elke school heeft ook zijn eigen problemen rond verkeerseducatie en veiligheid. Er zijn niet genoeg verkeersbrigadiers, of kinderen hebben geen fiets voor het verkeersexamen. Wij kunnen dan adviseren en vertellen hoe je brigadiers kunt werven en hoe kinderen toch mee kunnen doen. Er waren scholen waarvan de leerlingen jaren achtereen minder goed scoorden bij het verkeersexamen. Die adviseerden wij extra verkeerslessen aan te vragen bij Veilig Verkeer Nederland.”

Parkeergedrag
Donkers vindt het gedrag van ouders onderdeel van het veiligheidsprobleem: „Sommige ouders parkeren vlak bij de school waardoor er geen overzicht en uitzicht meer is. Er zijn ouders die veel te hard aan komen rijden als ze te laat zijn. We willen dat ouders bewuster worden van hun eigen invloed op de verkeersveiligheid.” Steenman vult aan: „We willen ook dat ouders gaan nadenken over de gevolgen als ze hun kinderen niet laten fietsen. Zij moeten op de middelbare school opeens zelf de straat op met te weinig ervaring en kennis van het verkeer.” Alledrie benadrukken ze dat actieve ouders hard nodig zijn omdat scholen vaak te weinig menskracht hebben om de goede plannen rond verkeersveiligheid en educatie uit te voeren. Hereijgers: „Ouders kunnen zich op allerlei manieren inzetten, variërend van kleine klusjes als fietsen controleren op licht in de herfst, een dagje surveilleren bij het verkeersexamen of meefietsen met een uitstapje, tot samen met andere ouders een verkeerswerkgroep oprichten. Ouders die actief willen worden kunnen zich opgeven bij e.donkers@nijmegen.nl.”

Auteur: Mariët Mensink


U kunt reageren op dit artikel via een e-mail naar redactie@denijmeegsestadskrant.nl