Banken nemen risico’s met geld van spaarders. Als het goed gaat kan de bank dividend en bonussen uitkeren. Gaat het mis dan moet de belastingbetaler bijspringen. Stichting Ons Geld wil een plek creëren waar spaarders hun geld veilig kunnen stallen, zodat bij een volgende systeemcrisis niet weer de belastingbetaler moet dokken om de banken overeind te houden. Op donderdag 30 januari organiseerde Green Cross hierover een discussieavond in de Nijmeegse strowijk.

Een publieke bank waar je je geld veilig kunt stallen. Dat is het doel van Mahir Alkaya, Tweede Kamerlid van de SP. Donderdag 30 januari was hij in Lent voor een discussieavond op uitnodiging van de milieuorganisatie Green Cross. Een beetje te laat omdat hij geen parkeerplek kon vinden. Om de vijftig belangstellenden niet te laten wachten opende de eveneens uitgenodigde voorzitter van Stichting Ons Geld, Edgar Wortmann, de avond in de zaal van de Ecologische Woongemeenschap Eikpunt in de Nijmeegse strowijk alvast met een betoog over het maken van geld.

Alleen mannen zaten aan de discussietafel, van links naar rechts Egbert Wortmann, Mahir Alkaya, Bart Jan Krouwel en Bart Snels.                                              [foto Jan Lintsen]
„Vroeger werd geld gemaakt van zilver of goud, tegenwoordig wordt geld gemaakt van schuld,” begon Wortmann. „Als je geld op een bankrekening stort, leen je het eigenlijk aan de bank. Die gebruikt het voor haar eigen onderneming. Het geld staat bloot aan risico. Jouw tegoed is een schuld van de bank aan jou. Het is maar de vraag of de bank ook in staat is die schuld te voldoen. Wat nou als je het geld risicoloos wilt bewaren en niet uitlenen aan een bank? Nu kan dat alleen door het contant op te nemen.”

Om een veilige bewaarplaats te creëren moet er volgens Wortmann een publieke depositobank komen, waar mensen hun geld kunnen stallen zonder dat het rendeert. „Je ontvangt er geen rente, maar je geld wordt ook niet uitgeleend.”

Pistool
In 2016 zette een burgerinitiatief deze veilige bank op de agenda van de Tweede Kamer. De parlementariërs waren enthousiast, maar de Nederlandsche Bank en de minister van Financiën vonden het geen goed idee, waardoor het idee wat verslofte.

Mahir Alkaya (SP) strijdt voor een veilige haven voor spaargeld.                 [foto Jan Lintsen]
Alkaya, die inmiddels aangeschoven is, zette het december 2018 weer op de kaart. Zijn politieke motivatie ontstond ten tijde van de kredietcrisis. „Ik zag toen al in dat wij de rekening gingen betalen. De banken hadden de vitale infrastructuur in handen voor sparen en betalen.”

Technologische ontwikkelingen veranderen volgens hem financiële markten. „Als we het aan de markt overlaten, krijgen de banken de lusten en de belastingbetaler de lasten. Als er weer een financiële crisis uitbreekt, zetten banken een pistool op de borst.” Daarom pleit Alkaya voor een publieke depositiebank.

Hij ziet zich ondersteund door een rapport van de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid uit 2019. Volgens dit rapport versterkt een publieke bank de positie van  burgers. Zij kunnen dan bewuster kiezen wie zij hun geld toevertrouwen. Het dwingt commerciële banken verantwoording af te leggen voor wat ze doen.

Het enige andere aanwezige Tweede Kamerlid, Bart Snels van GroenLinks, is wat sceptischer. „We weten niet hoe het gedrag van mensen gaat zijn als die publieke depositobank er is.” Hij erkent dat de overheid het maken van schulden te veel heeft gestimuleerd, maar aan de andere kant. „Maar het is wel fijn dat je op je dertigste een huis kunt kopen als je het geld er niet voor hebt.” Hij is bang dat als iedereen zijn geld naar de publieke depositobank brengt, de commerciële banken te weinig geld hebben om uit te lenen of zelfs kunnen omvallen.

Depositogarantiestelsel
Volgens Snels is er al een veilige haven voor spaargeld, namelijk het depositogarantiestelsel waarbij banken onderling borg staan voor spaartegoeden tot een ton. Alleen betalen banken nu te weinig in een hiervoor opgericht fonds, om als het echt misgaat die garantie werkelijk te kunnen bieden.

GroenLinks-kamerlid Frank Snels (links op de foto) vreest dat banken gaan omvallen.           [foto Jan Lintsen].
Op de vraag uit het publiek of ons spaargeld nu veilig is als het echt misgaat. moet Snels enigszins schoorvoetend toegeven, dat het dat nu niet is. Snels: „Het depositogarantiestelsel werkt prima als een enkele bank in de problemen komt, als er een systeemcrisis komt is er niet genoeg. Dan moeten eerst de aandeelhouders van banken bijspringen, daarna de belastingbetaler.”

Alkaya stelt voor om klein te beginnen. Bijvoorbeeld dat mensen vijfduizend euro kunnen stallen op die nieuwe publieke depositobank, dat geld is echt veilig en de rest kan dan bij reguliere banken. Zo kan de kredietverlening gehandhaafd blijven, maar is een deel van het spaargeld wel veilig.

Vervolgens gaat de vraag over wie de nieuwe bank moet oprichten. Stichting Ons Geld zocht dit uit, de samenleving kan dit niet vanwege Europese regelgeving, de overheid wel. Het vierde panellid, de gepensioneerde Bart Jan Krouwel, een van de oprichters van de Triodos Bank, is geen voorstander van een nieuwe bank. „Het is makkelijker om een bestaande bank om te vormen tot een publieke depositobank. De Volksbank is er uitermate geschikt voor.” Het moederconcern van SNS, ASN Bank en Regio Bank is nu in handen van de Nederlandse staat. Dit jaar komt er een onderzoek naar de toekomst van de Volksbank. Krouwel sprak er al over met een aantal politici. „De VVD wil het liefst verkopen, het CDA ziet meer in een coöperatie.” Hij vindt het belangrijk om het onderzoek niet alleen aan monetaire techneuten over te laten, maar dat het ook kijkt naar de rol van de bank voor de maatschappij. „Voor een krediet tot tweeënhalve ton kun je nu niet bij een bank terecht. Daarvoor is een kleinschalige bank nodig.”

Krouwel is bang dat als iedereen zijn geld stalt bij de publieke depositobank, niemand meer kleine ondernemers krediet gaat geven. Snels vreest dat banken kunnen omvallen als spaarders massaal weglopen. Wortmann denkt dat de bankiers hun gedrag gaan aanpassen en minder risico’s gaan nemen. Krouwel is daarvan niet overtuigd: „Bankiers zijn eigenwijs, die passen hun gedrag niet aan.” Hij noemt ING, daarvan is maar drie procent van de aandelen in Nederlandse handen. Hij vindt het belangrijk dat het vertrouwen tussen spaarder en kredietnemers weer terugkomt. Hij haalt de begintijd van de Triodos Bank aan toen spaarders moesten aangeven waaraan hun geld mocht worden uitgeleend. Als een ondernemer in de problemen dreigde te komen, riep Krouwel degenen die borg stonden voor de financiering bij elkaar. „Doordat mensen elkaar kenden kwam er altijd wel een oplossing. Door schaalvergroting, ook bij de Triodos Bank, werkt dat niet meer. Het zou mooi zijn als dat weer terugkomt.”

Door Gabriëlla Hendriks


U kunt reageren op dit artikel via een e-mail naar redactie@denijmeegsestadskrant.nl